Waarom heeft de een toch meer last dan de ander?


Dat is niet helemaal duidelijk. Werkzaamheden zijn meestal niet verantwoordelijk voor de klachten. Zwaar tillen, repeterend tillen en bukken, langer autorijden en langer zittend werk vormen wel een extra risico voor het ontstaan van rugklachten, maar waarom bij de één wel en bij de ánder niet? Een ongezonde levenswijze, een matige lichamelijke conditie en veel geestelijke zorgen hebben juist wel een nadelige invloed op de kwetsbaarheid van de rug. Rugklachten kunnen ook familiair bepaald zijn. Men kan er dus aanleg voor hebben, vooral als het wervel-kanaal relatief smal is aangelegd. De afwijkingen op gewone röntgenfoto's hebben geen direct verband met de ernst van de klachten: iemand zonder rugpijn kan behoorlijke "slijtage" van de rug hebben. Een ander barst van de pijn, terwijl er op de gewone foto niets abnormaals te zien is. De gewone foto laat echter de zachte weefsels (tussenwervelschijf en zenuwbanen) niet zien. Ook het wervelkanaal kan op de gewone foto's niet worden beoordeeld. Daarvoor is een "scan" (CT of MRI) nodig, meestal zonder contrastvloeistof, De ruimte in het wervelkanaal zčlf en de kwaliteit van de tussenwervelschijf lijken het meest verantwoordelijk voor de ernst van de klachten, dat zijn dus zaken die niet makkelijk zichtbaar kunnen worden gemaakt. Dat verklaart waarom gewone foto's vaak zo weinig opleveren. Restanten in het wervelkanaal van nucleus-materiaal kunnen zelfs klachten geven zonder dat een zenuwwortel in de verdrukking komt en dan levert zelfs de scanner niets op.

TERUG naar overzicht Rugklachten